Persvrijheid
De Universele verklaring heeft geen bepaling aangaande de vrijheid van drukpers, omdat daarover in de voorbereidende vergaderingen geen overeenstemming kon worden bereikt. Internationaal is de vrijheid van informatie vastgelegd in het VN-verdrag (BuPo). De persvrijheid is deel van de vrijheid van meningsuiting. Artikel 7.1 van de Nederlandse grondwet luidt: 'Niemand heeft voorafgaand verlof nodig om door de drukpers gedachten of gevoelens te openbaren, behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet'. De belangrijkste bedreiging van de persvrijheid is censuur. Blijkens de Nederlandse rechtspraak is wat niet mag o.m.: aanzetten tot geweld tegen minderheidsgroepen; ongegronde belediging; het openbaar maken van bepaalde bedrijfsgeheimen; verregaande openbaarmaking van privé-gegevens; pornografie met kinderen. Voor media als radio en tv en voor reclame gelden andere regels. Amnesty stelt dat persvrijheid alleen aan banden mag worden gelegd als er zwaarwegende argumenten zijn om uitlatingen te beschouwen als het aanzetten tot haat of geweld.
