Doodstraf, geschiedenis
De oud-Hebreeuwse wetgeving schreef de doodstraf voor bij moord en bepaalde religieuze en seksuele misdrijven. Bij de Grieken waren moord, verraad en heiligschennis halsmisdrijven. In de republikeinse Romeinse tijd werd de doodstraf vooral opgelegd voor militaire misdrijven; later werd het aantal halsmisdrijven sterk uitgebreid. In de 13e eeuw kon de doodstraf worden opgelegd voor een groot aantal misdrijven. Geestelijken kregen in de regel lichtere straffen. De juridische en morele grondslag voor het afschaffen van de doodstraf werd gelegd door de Italiaanse rechtsgeleerde Cesare Beccaria (1735-94). De doodstraf werd afgeschaft in Toscane in 1786 en in Oostenrijk in 1787.
