JAARBOEK MEXICO 2008
Betreft informatie over 2007
Mensenrechtenschendingen waren nog steeds wijdverbreid en in sommige deelstaten stelselmatig. De meerderheid van degenen die hiervoor verantwoordelijk waren wisten nog steeds hun straf te ontlopen. De politie gebruikte buitensporig geweld om bij verschillende gelegenheden demonstranten uit elkaar te drijven, waarbij een aantal demonstranten gewond raakte. Er werden nog steeds mensenrechtenschendingen gemeld in de deelstaat Oaxaca. Militairen die politiefuncties uitoefenden doodden verschillende mensen en pleegden andere ernstige mensenrechtenschendingen. De regering slaagde er niet in vooruitgang te boeken in het voor het gerecht brengen van degenen die verantwoordelijk waren voor ernstige mensenrechtenschendingen in voorgaande decennia.
Journalisten en mensenrechtenverdedigers werden gedood en bedreigd. In verschillende deelstaten misbruikten de autoriteiten naar verluidt het gerechtelijk apparaat om politieke en sociale activisten op oneerlijke wijze te vervolgen. Inheemse gemeenschappen en andere achtergestelde groepen, zoals migranten, werden nog steeds geconfronteerd met discriminatie. Gebrek aan toegang tot basisvoorzieningen en aan daadwerkelijke consultatie over ontwikkelingsprojecten verergerde de ongelijkheden en leidde tot conflicten. De getroffen gemeenschappen werd vaak effectieve toegang tot de rechtspraak ontzegd.
Ondanks positieve wettelijke hervormingen was geweld tegen vrouwen nog steeds wijdverbreid en de meeste overlevenden werd effectieve toegang tot de rechtspraak ontzegd.
Achtergrond
Wettelijke, constitutionele en institutionele ontwikkelingen
Politie en veiligheidstroepen – openbare veiligheid
Straffeloosheid
Mensenrechtenschendingen uit het verleden
Mogelijke gedwongen verdwijningen
Geweld tegen vrouwen
Rechtssysteem -- willekeurige detentie en oneerlijke processen
Mensenrechtenverdedigers
Vrijheid van meningsuiting -- journalisten
Discriminatie -- gemarginaliseerde gemeenschappen
Migranten
Bezoeken/rapporten van Amnesty International
Archief jaarboek
Achtergrond
President Calderón beloofde dat zijn regering de georganiseerde misdaad zou bestrijden, die naar verluidt verantwoordelijk was voor meer dan 2500 moorden in 2007.In oktober kondigden de Mexicaanse en Amerikaanse autoriteiten het Merida Initiatief aan. Dit is een regionaal initiatief voor samenwerking op het gebied van veiligheid, waarvoor de Amerikaanse regering voorstelde gedurende drie jaar steun ter waarde van 1,4 miljard dollar op het gebied van veiligheid en strafrecht te geven aan Mexico en Midden-Amerika. Aan het einde van 2007 beraadde het Amerikaanse Congres zich nog steeds over het voorstel en het mogelijke effect ervan op mensenrechten en veiligheid.
Wettelijke, constitutionele en institutionele ontwikkelingen
In mei kondigden de autoriteiten een Nationaal Ontwikkelingsplan aan dat ook beloften inhield om de mensenrechten te beschermen. De regering beloofde bovendien om de open toegang tot internationale mensenrechtenmechanismen te handhaven en het gebruik van marteling aan te pakken.In augustus werd de ontwikkeling van een nieuw Nationaal Programma voor de Rechten van de Mens aangekondigd.
Grondwetshervormingen en hervormingen in de openbare veiligheid en het strafrechtsysteem boekten vooruitgang in het Congres. Voor de hervormingen zijn wezenlijke veranderingen in politie- en gerechtelijke procedures nodig, waaronder meer bevoegdheden voor politie en openbare aanklagers om huizen binnen te gaan zonder gerechtelijke goedkeuring en om verdachten van georganiseerde misdaad tot maximaal tachtig dagen vast te houden in een soort voorarrest (arraigo).
Nationale Opperste Gerechtshof
In februari oordeelde het Nationale Opperste Gerechtshof dat het leger het grondwettelijk verbod op discriminatie had geschonden door functionarissen te ontslaan omdat ze hiv-positief waren.
In december werden de resultaten gepubliceerd van een speciaal onderzoek naar de zaak van Lydia Cacho dat op bevel van de Rechtbank was uitgevoerd. De conclusie was dat de gouverneur van de deelstaat Puebla en andere hooggeplaatste lokale functionarissen verantwoordelijk waren voor het misbruiken van het rechtssysteem, wat had geleid tot de hechtenis, mishandeling en oneerlijke vervolging van de journaliste wegens het publiceren van een boek over kindermishandeling en pornonetwerken. Desondanks weigerde de meerderheid van de rechters van het Opperste Gerechtshof de conclusies te bekrachtigen.
De resultaten van twee andere speciale onderzoeken van het Nationale Opperste Gerechtshof naar mishandelingen in San Salvador Atenco en in de deelstaat Oaxaca waren aan het einde van het jaar nog niet gepubliceerd.
Reproductieve rechten
De wetgevende vergadering van het Federale District legaliseerde abortussen in het eerste trimester en maakte abortusdiensten in Mexico-Stad beschikbaar. Het Departement van de Federale Procureur-Generaal en de Nationale Commissie voor de Rechten van de Mens dienden constitutionele bezwaren tegen deze hervormingen in bij het Opperste Gerechtshof. Deze waren aan het einde van het jaar nog in behandeling.
Politie en veiligheidstroepen – openbare veiligheid
MilitairenMeer dan twintigduizend militairen werden in veel deelstaten ingezet voor politieoperaties om bendes die zich schuldig maakten aan drugshandel te bestrijden. Militairen zouden tijdens deze operaties mensen willekeurig hebben gedetineerd en gemarteld en ten minste vijf personen illegaal hebben geëxecuteerd.
- In februari concludeerden de autoriteiten van de deelstaat Veracruz dat een inheemse vrouw, Ernestina Ascencio Rosario, overleden was als gevolg van verwondingen die waren veroorzaakt door verkrachting, naar verluidt gepleegd door militairen die betrokken waren bij politieoperaties in de deelstaat. De Nationale Commissie voor de Rechten van de Mens concludeerde echter dat het onderzoek ondeugdelijk was en dat ze een natuurlijke dood was gestorven. Het onderzoek werd afgesloten, ondanks wijdverbreide bezorgdheid over hoe de zaak was afgehandeld.
- In mei detineerden militairen die betrokken waren bij politieoperaties willekeurig verschillende mensen in de deelstaat Michoacán. Verschillende gedetineerden verklaarden dat ze waren mishandeld; vier tienermeisjes werden naar verluidt aangerand of verkracht.
- In juni schoten soldaten die een wegversperring bemanden in de deelstaat Sinaloa op een auto en doodden twee vrouwen en drie kinderen. Een aantal functionarissen werd gearresteerd en aan het einde van het jaar was het militaire onderzoek nog in volle gang.
Buitensporig gebruik van geweld en marteling
Politiefunctionarissen werden beschuldigd van het gebruik van buitensporig geweld en marteling. - In juli gebruikte de deelstaat- en gemeentepolitie in Oaxaca traangas, stenen en wapenstokken om demonstranten uit elkaar te slaan, waarbij ten minste twee personen ernstig gewond raakten. Tientallen mensen werden gearresteerd. Emeterio Cruz werd in hechtenis gefotografeerd terwijl hij in goede gezondheid verkeerde, maar werd vervolgens verschillende malen door de politie geslagen en later in coma naar een ziekenhuis gebracht. Hij werd in augustus uit het ziekenhuis ontslagen met een gedeeltelijke verlamming. Vijf leden van de gemeentepolitie werden in verband met de zaak gedetineerd en aangeklaagd.
- In juni verjaagde de deelstaatpolitie een groep inheemse Nahua-boeren die een omstreden stuk land bezetten in de gemeente Ixhuatlán de Madero in de deelstaat Veracruz. De politie schoot herhaaldelijk in de lucht; één gedetineerde werd neergeschoten en raakte gewond. De arrestanten werden naar verluidt tijdens het verhoor geslagen en bedreigd om hen te dwingen hun leider te beschuldigen van betrokkenheid bij vermeende misdrijven. Ze werden later op borgtocht vrijgelaten, in afwachting van hun proces wegens illegale bezetting van land.
Straffeloosheid
Onderzoeken naar beschuldigingen van willekeurige detentie, marteling en andere vormen van mishandeling door politiefunctionarissen waren regelmatig ontoereikend en straffeloosheid voor mensenrechtenschendingen was wijdverbreid.
Meldingen van mensenrechtenschendingen door militairen werden vaak binnen het militaire rechtssysteem afgehandeld. De Nationale Commissie voor de Rechten van de Mens vond in een aantal zaken bewijzen van ernstige schendingen, maar liet na aan te bevelen dat dergelijke zaken door de burgerlijke rechtbank moesten worden afgehandeld.
- In oktober werden vier soldaten door een burgerlijke rechtbank veroordeeld voor de verkrachting van veertien vrouwen in juli 2006 in de gemeente Castaños in de deelstaat Coahuila. Andere functionarissen die betrokken zouden zijn geweest bij de aanval werden vrijgesproken of stonden niet terecht.
Mensenrechtenschendingen uit het verleden
Mensenrechtenschendingen die in de jaren zestig, zeventig en tachtig van de vorige eeuw werden gepleegd en die in het verleden zijn onderzocht door het Departement van de Speciale Openbare Aanklager, werden teruggegeven aan het Departement van de Federale Procureur-Generaal zonder enige belofte dat de onderzoeken zouden worden voortgezet. De regering negeerde het afsluitende rapport van het Departement van de Speciale Openbare Aanklager, waarin werd toegegeven dat de schendingen stelselmatig door deelstaten gepleegde misdrijven waren. In oktober werd aangekondigd dat er een fonds zou worden opgericht om slachtoffers schadeloos te stellen.- In juli oordeelde een federale rechter dat het bloedbad onder tientallen studenten op het Tlatelolco-plein in Mexico-Stad in 1968 genocide was, maar dat er onvoldoende bewijzen waren tegen voormalig president Luis Echeverría om de vervolging voort te zetten. Aan het einde van het jaar was een beroep tegen deze beslissing nog in behandeling.
Mogelijke gedwongen verdwijningen
Het Revolutionair Volksleger (Ejército Popular Revolucionario, EPR) beschuldigde de autoriteiten van de gedwongen verdwijning van twee van zijn leden, Edmundo Reyes Amaya en Gabriel Alberto Cruz Sánchez. Het EPR beweerde dat ze op 25 mei in Oaxaca-Stad in hechtenis waren genomen.In augustus beweerde het EPR dat het verantwoordelijk was voor verschillende explosies in het midden van Mexico die hun eis moesten ondersteunen dat de autoriteiten zouden toegeven dat ze de twee mannen in hechtenis hadden. In oktober vaardigde de federale rechtbank een bevelschrift tot voorleiding (amparo) uit met het bevel een einde te maken aan hun verdwijning en dat de autoriteiten ervoor moesten zorgen dat ze onmiddellijk terugkeerden. De deelstaat- en federale autoriteiten ontkenden dat de twee mannen waren gedetineerd of waren verdwenen en zegden toe dat ze een onderzoek zouden instellen. Aan het einde van het jaar was de verblijfplaats van Edmundo Reyes Amaya en Gabriel Alberto Cruz Sánchez nog steeds onbekend.
Geweld tegen vrouwen
In juni bleek uit een ‘Nationale Enquête over de Dynamiek van Familierelaties’ dat 67 procent van de vrouwen boven vijftien jaar meldde dat ze enige vorm van geweld hadden meegemaakt in huis, in de gemeenschap, op het werk of op school, en bijna één op de tien vrouwen meldde dat ze seksueel geweld hadden ondervonden.In februari werd de Federale Wet voor de Toegang van Vrouwen tot een Leven Vrij van Geweld van kracht. Negen deelstaten introduceerden vergelijkbare wettelijke hervormingen.
In 2007 werden naar verluidt meer dan 25 vrouwen vermoord in Ciudad Juárez. De autoriteiten waren nog steeds niet in staat om de verantwoordelijken voor de vele geweldsmisdrijven tegen vrouwen in eerdere jaren in de deelstaat voor het gerecht te brengen. In andere deelstaten, zoals de deelstaat Mexico, waren het aantal vermoorde vrouwen en de straffeloosheid naar verluidt nog groter.
Rechtssysteem -- willekeurige detentie en oneerlijke processen
Het strafrechtsysteem werd in sommige deelstaten nog steeds gebruikt om sociale activisten en politieke tegenstanders te vervolgen. Ze waren het slachtoffer van langdurige willekeurige detentie en oneerlijke processen. Ondanks succesvolle federale gerechtelijke bevelen in veel zaken, verzuimden rechtbanken in deelstaten vaak om onrecht te corrigeren. Geen enkele functionaris werd ter verantwoording geroepen voor het schenden van normen voor eerlijke processen.- In november werd gewetensgevangene Magdalena Garía Durán, een inheemse vrouw die was gedetineerd tijdens protesten in San Salvador Atenco in mei 2006, vrijgelaten omdat er onvoldoende bewijs tegen haar was. Ze werd vrijgelaten nadat een lokale rechter eindelijk gehoor gaf aan een tweede federaal gerechtelijk bevel. Meer dan twintig andere personen die op hetzelfde moment in San Salvador Atenco waren gedetineerd stonden echter aan het einde van het jaar terecht in een proces dat werd gekenmerkt door vergelijkbare oneerlijke procedures.
- Diego Arcos, een gemeenschapsleider uit Nuevo Tila in de deelstaat Chiapas, werd in december 2007 vrijgelaten nadat hij een jaar in hechtenis had gezeten op beschuldiging van vier moorden tijdens een aanval op de gemeenschap Viejo Velasco in november 2006. Hoewel er een gerechtelijk bevel voor hem was uitgevaardigd in augustus, werd hij pas vrijgelaten nadat de minister van Justitie van de deelstaat de zaak opnieuw had bekeken en de aanklacht had ingetrokken.
- Ignacio del Valle Medina, Felipe Alvarez Hernández en Héctor Galindo Gochicoa, leiders van een lokale protestbeweging in San Salvador Atenco in de deelstaat Mexico, werden in mei elk veroordeeld tot een gevangenisstraf van 67 jaar nadat ze schuldig waren bevonden aan het ontvoeren van publieke functionarissen tijdens lokale geschillen in 2006. Er bestond ernstige bezorgdheid over de eerlijkheid van het proces en het vonnis.
Mensenrechtenverdedigers
Mensenrechtenverdedigers werden in veel deelstaten nog steeds geconfronteerd met aanvallen, bedreigingen, tegenwerking en ongegronde aanklachten wegens misdrijven, ogenschijnlijk als vergelding voor hun activiteiten.- In mei werd Aldo Zamora, een lid van een familie van milieuactivisten die actievoeren tegen illegale houtkap in de gemeente Ocuilán in de deelstaat Mexico, neergeschoten en gedood. Zijn vader had herhaaldelijk klachten ingediend bij de autoriteiten over doodsbedreigingen die naar de familie waren gestuurd, maar er was geen actie ondernomen. In augustus werden twee verdachten gearresteerd; twee anderen waren aan het einde van het jaar nog op vrije voeten.
- In april werd migrantenrechtenverdediger Santiago Rafael Cruz doodgeslagen in het kantoor van het Organiserend Comité voor Landarbeid (Foro Laboral del Obrero Campesino, FLOC) in Monterrey in de deelstaat Nuevo León. De autoriteiten van de deelstaat ontkenden dat de moord verband hield met zijn mensenrechtenactiviteiten, maar lokale mensenrechtenorganisaties uitten hun zorg over het gebrek aan grondigheid van het onderzoek naar zijn dood. Eén persoon werd beschuldigd van de moord en zat aan het einde van het jaar in hechtenis in afwachting van het proces.
- Mensenrechtenverdediger Aline Castellanos was gedwongen om de deelstaat Oaxaca te verlaten nadat er een arrestatiebevel was uitgevaardigd op grond van vervalste bewijzen op basis waarvan ze werd beschuldigd van betrokkenheid bij de bezetting van een publiek gebouw.
Vrijheid van meningsuiting -- journalisten
Journalisten, vooral degenen die verslag deden van drugshandel en corruptie, werden herhaaldelijk aangevallen. Ten minste zes journalisten en mediamedewerkers werden vermoord en drie anderen werden ontvoerd. Er zat weinig tot geen vooruitgang in de meerderheid van de officiële onderzoeken naar deze misdrijven en naar eerdere aanvallen op journalisten.- In oktober werden Mateo Cortés Martínez, Flor Vásquez López en Agustín López Nolasco, medewerkers van de krant El Imparcial del Istmo in Oaxaca, neergeschoten en gedood terwijl ze kranten bezorgden. Direct na de moorden ontvingen de hoofdredacteur en twee verslaggevers van de krant bedreigingen waarin ze werden gewaarschuwd dat zij hetzelfde lot zouden ondergaan.
Het patroon van aanvallen op journalisten leidde tot steeds meer zelfcensuur en ondermijnde de vrijheid van meningsuiting.
In april werd smaad gelegaliseerd in de federale wetgeving, maar het was nog steeds een misdrijf in de jurisdictie van de meeste deelstaten.
Discriminatie -- gemarginaliseerde gemeenschappen
Veel gemarginaliseerde gemeenschappen hadden nog steeds beperkte toegang tot basisvoorzieningen, ondanks de belofte van de regering om de sociale uitgaven te verhogen. Dit leidde tot conflicten, ongelijkheid en discriminatie, waardoor vooral veel inheemse gemeenschappen werden getroffen. Het uitblijven van garanties dat gemeenschappen die getroffen werden door ontwikkelings- of investeringsprojecten oprecht werden geïnformeerd en geraadpleegd en de gelegenheid kregen om deel te nemen aan het formuleren van projecten, leidde tot toenemende spanningen en verminderde weerbaarheid.- Gemeenschappen die zich verzetten tegen de bouw van een hydro-elektrische dam in La Parota in de deelstaat Guerrero wonnen verschillende preliminaire bezwaren op basis van het feit dat de toestemming van de gemeenschap niet op legale wijze was verkregen. Aan het einde van het jaar lag het project nog steeds stil in afwachting van de beslissingen in verschillende processen.
Migranten
Er waren nog steeds meldingen van schendingen tegen een aantal van de duizenden ongeregelde migranten die de grenzen in het noorden en in het zuiden overstaken. Mensen die humanitaire steun boden aan migranten die door Mexico reisden liepen het risico te worden beschuldigd van mensenhandel.De regering stelde nieuwe regulerende procedures voor detentiecentra voor migranten voor. Het voorstel, dat de toegang tot de burgermaatschappij zou beperken en de controle op migranten zou verhogen, was aan het einde van het jaar nog in afwachting van administratieve goedkeuring.
Bezoeken/rapporten van Amnesty International
De secretaris-generaal van Amnesty International bracht een bezoek aan Oaxaca-Stad, Mexico-Stad en de deelstaat Geurrero, ontmoette hoge regeringsfunctionarissen en nam in augustus deel aan de tweejaarlijkse Internationale Vergadering van Amnesty International in Cocoyoc in de deelstaat Morelos.- Mexico: Laws without justice: Human rights violations and impunity in the public security and criminal justice system (AMR 41/002/2007)
- Mexico: Laws without justice – appeal cases (AMR 41/015/2007)
- Mexico: Human rights at risk in La Parota Dam project (AMR 41/029/2007)
- Mexico: Oaxaca – Clamour for justice (AMR 41/031/2007)


