Vrijdag 3 september 2010
De week van...
01 02 03 04 05 06 07 
08 09 10 11 12 13 14 
15 16 17 18 19 20 21 
22 23 24 25 26 27 28 
29 30 31 32 33 34 35 
36 37 38 39 40 41 42 
43 44 45 46 47 48 49 
50 51 52 53 
<< 2008
vanuit...
wereldkaart
Nederland
portret
Deze week:
Dave Hardy

Geboren
10 september 1974 in Eindhoven

Privé
Woont in de wijk Lombok in Utrecht

Studeerde
Bestuursrecht en Milieukunde aan de Universiteit Utrecht

Werkte
Begon zijn ‘mensenrechtenwerk’ als vrijwilliger bij Amnesty in Groep 014 in Utrecht. Werkte daarna op de afdeling actie van Amnesty. Heeft een jaar in India gewerkt bij een organisatie voor kastelozen en in Guatemala bij verschillende mensenrechtenorganisaties. Sinds 2005 werkt hij bij Aim for human rights in Utrecht. Hier is hij senior programme officer voor een programma dat zicht richt op gedwongen verdwijningen. Centraal staat de wereldwijde steun aan slachtoffers en hun familieleden.

Dave en Amnesty
Was ooit landenspecialist Guatemala en is zich aan het voorbereiden op een carrière als scholenwerker.

Vrije tijd
Hardlopen, fietsen, eten en drinken met vrienden, wandelen, goede boeken lezen.

Reactie
d.hardy@aimforhumanrights.nl

Op 30 augustus vindt de 26e Internationale dag van de Gedwongen Verdwijningen plaats. Op deze dag worden slachtoffers van verdwijningen herdacht en vele ngo's voeren wereldwijd actie. Aim for human rights voert ook actie en steunt slachtoffers van verdwijningen en hun familieleden. Dave Hardy, senior programme officer bij Aim for human rights, vertelt deze week meer over zijn werk.

vrijdag 4 september  Om middernacht op 10 december 1989 werd het huis van de familie Patharina in Colombo (Sri Lanka) overvallen door militairen. Zodra ze binnen waren, werd Sudath meegesleurd naar een jeep. Zijn broer, Shantha, heeft alle bekende detentiecentra bezocht maar zijn broer heeft hij nooit meer teruggezien.

Sri Lanka is het land met het hoogste aantal geregistreerde verdwijningen. In het conflict tussen de regering en de rebellen zijn sinds 1983 tussen de 60.000 en 70.000 mensen verdwenen. Beide partijen hebben zich hieraan schuldig gemaakt. Nu de rebellen militair zijn verzwakt hoop ik maar dat de vrede een kans krijgt.

Ik werk nu bijna tien jaar voor mensenrechten, waarvan meer dan vijf jaar op het onderwerp verdwijningen. Als ik naar een wereldkaart kijk is mijn referentie van een bepaald land vaak de mensenrechtensituatie. Ik heb daarom onlangs besloten die kennis en ervaring in te zetten als scholenwerker voor Amnesty. Dat ik net vader ben geworden speelt er wellicht wel een rol bij. Ik wil kinderen graag het belang en de urgentie van de Universele Verklaring van de rechten van de Mens duidelijk maken. Er is geen vergelijkbaar document op deze wereld dat door zoveel landen wordt erkend. Ik hoop dat ik de noodzaak van het volgen van deze verklaring kan overbrengen op een nieuwe generatie. Naar boven
donderdag 3 september  Hector German Oesterheld verdween in 1977 in Argentinië. Oesterheld was 60 jaar oud, getrouwd en vader. Zijn vier dochters van 19, 20, 22 en 25 jaar verdwenen eveneens in 1976 en 1977. Hun lot is nog steeds onduidelijk.

Bij gedwongen verdwijningen denken veel mensen meteen aan Argentinië. Ondanks dat het merendeel van de 35.000 verdwijningen nog niet is opgelost, is Argentinië momenteel het land dat het hardste lobbyt voor het Verdrag tegen verdwijningen. Daarbij moet wel gezegd dat het verdrag niet geldt voor zaken uit het verleden.

Ik lees vandaag een ‘declassified’ document van de onderhandelaars van de Verenigde Staten over dit verdrag. De VS hebben stelselmatig geprobeerd om de zogenaamde ‘Nuremberg of Trouwe Soldaat verdediging’ op te nemen in dit verdrag. Dat betekent dat een soldaat die iemand laat verdwijnen niet vervolgd kan worden omdat hij dacht dat het legaal was wat hij deed. Als je dat door trekt naar het dagelijkse leven zou dat betekenen dat je iemand kan ontvoeren en er mee wegkomt omdat je dacht dat een ontvoering geen misdaad was. Dat is toch te gek voor woorden.

Familieleden uit Guatemala laten me weten dat er gisteren voor het eerst iemand is veroordeeld voor een verdwijning. Een ex-militair, Felipe Cusanero, moet voor het ontvoeren en vermoorden van zes indianen voor 150 jaar de gevangenis in. Een historische overwinning die hoop geeft voor de families van de 45.000 verdwenen mensen in Guatemala. Naar boven
woensdag 2 september  De 24-jarige leraar Romeo G. Christo verdween op 12 augustus 1980 in Manilla, de Filipijnen. Hij werd ontvoerd door de politie. Zijn vrouw, Phebe, is sinds die dag naar hem op zoek: ’De wereld is verder gegaan. Ik ben ouder geworden. Maar Romeo blijft voor altijd jong, zijn leeftijd bevroren op 24 jaar’.

Romeo is een slachtoffer geworden van het Marcos-regime. Wat veel mensen niet weten is dat er onder democratische regeringen na de dictatuur van Marcos meer mensen zijn verdwenen in de Filipijnen dan tijdens zijn regime. De organisatie FIND in de Filipijnen probeert, samen met andere organisaties, voor al die duizenden gevallen van de afgelopen decennia gerechtigheid te krijgen.

Zij proberen echter ook gedwongen verdwijningen te voorkomen. Dan gaat het om ingewikkelde juridische materie zoals procedurele waarborgen in de strafwetgeving en penitentiaire wetgeving. Ze moeten hiervoor dezelfde overheid benaderen die ze ook vragen om opheldering voor de verdwijningen. Die wetgeving moet idealiter voldoen aan het nieuwe verdrag tegen verdwijningen dat in 2006 door de Verenigde Naties is aangenomen.

Ik heb samen met FIND en tientallen andere familieleden bij de VN over dit verdrag onderhandeld. Dat ik dan serieus met vertegenwoordigers van landen praat die op dat moment mensen laten verdwijnen, en dat ik dat onderwerp dan moet vermijden voor het grotere goed, is erg tegenstrijdig. Een Filipijnse ondertekening van dat verdrag lijkt trouwens nog ver weg. Nederland is wel bijna zover.

Ik zit nu namelijk de tekst te lezen van de Nederlandse ontwerpwet voor de ratificatie van dit verdrag. Daar hebben we de afgelopen maanden veel aanvullend commentaar op gegeven. Dat lijkt misschien weinig nuttig omdat verdwijningen momenteel in Nederland niet voorkomen. Maar als je bedenkt dat de geheime CIA-vluchten met terreurverdachten ook in EU-landen zijn geland, dan is een verdwijning soms dichterbij dan je vermoed. En ook Nederlandse anti-terrorismewetgeving wordt door zo’n verdrag begrensd. Als het een beetje meezit, gaat ons parlement binnenkort ratificeren. Naar boven
dinsdag 1 september  Amine Amrouch verdween op 30 januari Nassera Dutour helemaal rechts op de foto, in het midden staat de oma van Amine.1997 in Algerije, waarschijnlijk nadat hij was gearresteerd door de politie. Zijn moeder Nassera Dutour vecht al 12 jaar voor de waarheid over zijn verdwijning en gerechtigheid.

Ik werk al jaren samen met de moeder van Amine, Nassera. Ik ken haar als een bevlogen mensenrechtenactivist die met een enorm vuur strijd voor de duizenden slachtoffers van verdwijningen in Algerije. Soms vergeet ik dat ze niet zoals ik voor mensenrechten werkt vanuit een keuze. Voor haar is het geen werk zoals voor mij, hoe veeleisend en emotioneel dit werk ook kan zijn.

Nassera en de andere Algerijnse familieleden stonden zondag op de ‘Place du 1er mai’ in Algiers. Zij worden continue in de gaten gehouden door veiligheidsagenten en hun bijeenkomsten worden structureel tegengewerkt en soms met geweld beëindigd. Ik sta Nassera en alle andere familieleden die zich in soortgelijke situaties bevinden voornamelijk bij vanuit ons kantoor in Utrecht. Daar kan ik vanuit een veilige plek vaak dingen voor elkaar krijgen die zij niet kunnen, maar de belevingswerelden liggen wel erg ver uit elkaar.

Zo krijg ik net een bericht van Heda, een journalist uit Grozny (Tsjetsjenië), die samen werkte met de onlangs vermoorde activisten. Heda vraagt of we snel naar Tsjetsjenië kunnen komen. Volgens haar is het toch relatief veilig en zou onze aanwezigheid van grote betekenis zijn voor de familieleden van verdwenen personen. Los van het feit dat een visum voor Tsjetsjenië, zoals eerder al, waarschijnlijk wordt geweigerd vind ik het te gevaarlijk. Ik trek een persoonlijke grens van wat ik een aanvaardbaar beroepsrisico vind. Dat is een keuze die soms moeilijk aan mezelf is te verkopen en ingewikkeld is om uit te leggen aan iemand voor wie onderdrukking een dagelijkse realiteit is.

De enige plek waar het verschil soms wegvalt is als we elkaar op ‘neutraal’ terrein ontmoeten bij de Verenigde Naties. Een wonderlijk instituut waar de grootste schurken beleefd om één tafel zitten met de slachtoffers die ze zelf maken. Dat is meer iets voor morgen. Naar boven
maandag 31 augustus  Milana Beslanovna Ozdoeva, geboren in 1982, verdween in 2004 in de Republiek Ingoesjetië (Russische Federatie). Zij werd thuis in het bijzijn van haar familie gearresteerd door militairen. Zij is moeder van twee kinderen. Haar familie heeft nooit meer iets van haar vernomen.

Milana is één van de personen die we gisteren hebben herdacht op de internationale dag voor verdwenen personen. Families over de hele wereld houden elk jaar op die speciale dag de herinnering levend aan hun verdwenen familieleden, die soms tientallen jaren geleden, door regeringen zijn opgepakt. Sindsdien zoeken ze naar het antwoord op de vraag waar hun naaste zich bevindt. Een antwoord krijgen ze zelden.

Sinds 1983 wordt deze dag op 30 augustus ‘gevierd’. Een willekeurige dag die ooit door de Dwaze Moeders in Argentinië is uitgekozen omdat je zoon of dochter op een willekeurige dag zomaar door toedoen van de regering kan verdwijnen.

Afgelopen weekend heb ik met mijn collega’s van Aim for human rights in Utrecht aandacht gevraagd voor dit onderwerp. De gedachte dat op diezelfde dag in tientallen andere landen mensen de straat op gingen - van Manilla tot Bagdad tot Buenos Aires - bezorgde me wel kippenvel. Het was een mooie dag om actie te voeren, al waaide het wel erg hard. Onze heliumballonnen met de tekst ‘ stop verdwijningen’ vlogen heel hard en heel hoog.

We hebben flyers verspreid met daarop foto’s van verdwenen personen en de tekst ‘verdwenen’. Van die A4’tjes die je in Nederland (gelukkig) alleen van vermiste katten en honden ziet. Het winkelende publiek reageerde heel positief op onze actie. Mooi om te zien dat mensen tussen het winkelen door even stil willen staan bij dit onderwerp.

Na een interview voor de Wereldomroep gisteravond kon ik de dag voor verdwenen personen afsluiten. Verdwijningen is geen heel bekend onderwerp en ook als internationale dag haalt het niet de voorpagina’s. Echter schuilt er een grote kracht in het tonen van solidariteit met de slachtoffers. Naar boven