|
Vrijdag 3 september 2010
|
||||||||||||||
![]() |
||||||||||||||
|
Na zijn hoofdredacteurschap van Wordt Vervolgd ging Willem Offenberg weer aan de slag als freelancejournalist voor onder andere NRC Handelsblad, Vrij Nederland en FEM Business. Deze week, aan het begin van het 'Jaar van het Varken' verblijft hij in het Chinese Shenzhen, en houdt daar voor Amnesty.nl een dagboek bij.
vrijdag 23 februari Het verjaardagsfeest van gisteren is een enkel familielid aan moeders kant slecht bekomen. Teveel kelkjes mao tai, borrels met 40/50 procent alcohol. Vaders kant heeft tot in de vroege uurtjes naar een historische tv-soap gekeken of heel serieus de kans op echte hervormingen doorgenomen. In oktober vergadert de top van de CCP, de Communistische Partij (nog altijd 65 miljoen leden). Dan moet blijken in hoeverre president Hu Jintao de aloude machtskliek uit Sjanghai voorgoed de das heeft omgedaan. Maar voor die tijd, in maart, komt het Nationale Volkscongres (China’s hamerstuk-parlement) bijeen, in voltallige zitting met 3000 partijleden.
Hoe omvangrijker de bijeenkomst hoe irrelevanter de uitkomst, zeggen de Chinezen. De echte besluiten neemt de CCP achter de schermen. Daar wordt de strijd om het leiderschap beslecht en eenzijdig besloten hoe problemen aan te pakken als grondstoffenschaarste, milieuvervuiling, oververhitting van de economie en sociale onrust, vooral onder arbeidsmigranten en arme boeren. De laatste groep wordt van hun land verdreven door een congsi van locale partijbonzen en rijke zakenlui. Zestig procent van alle landonteigening is illegaal. Proteststemmen hiertegen zwellen aan. Het leger van arbeidsmigranten dat dezer dagen terugkeert naar de werkplek komt ook in verzet, tegen soms abominabele werkomstandigheden en hongerlonen. De komende decennia heeft China de handen vol voordat de natte droom van wereldsuprematie verwezenlijkt kan worden. Intussen herneemt het leven zijn gewone gang. Vandaag, de laatste vrije dag van het lentefeest, komt opnieuw een volksverhuizing op gang. Dit keer richting oude of nieuwe werkplek. Hongkong is gisteren alweer aan het werk gegaan, nadat op Nieuwjaarsdag bijna een half miljoen inwoners familie en vrienden op het Chinese vasteland had opgezocht. Wat nog herinnert aan de feestdagen zijn de rode varkenskoppen en lampionnen. Dubbeldeks bussen denderen over de winkelstraat Nathan Road, langs etalages met uitverkoop van goedkope elektronica en kleding. De negentiende eeuwse veerboot, de Star Ferry, dobbert naar een nieuwe pier op Hongkong Island. En het klassieke trammetje, ook dubbeldeks, zoekt zijn weg door het zakencentrum. Een fikse regenbui heeft de straten schoongespoeld. In deze, nog altijd relatief vrije uitkijkpost ziet men het gewoel van de Rode Draak met lede ogen aan.
donderdag 22 februari De stemming komt er in als de familiereünie de voors en tegens bespreekt van ‘heropvoeding’. Onder die noemer isoleerde China sinds 1955 miljoenen criminelen, politieke tegenstanders en andere onaangepasten. Ze werden voor jaren verbannen uit de samenleving. Naar schatting ondergaan ten minste nog 300.000 Chinezen eenzelfde lot. Drie jaar lang worden ze gedwongen herschoold door arbeid en discipline. Zelfkritiek moet van hen een beter persoon maken. Ze worden zo van overheidswege klaargestoomd voor beter functioneren binnen de maatschappij.
De rest van de wereld dringt al tijdenlang aan dit systeem te herzien. Vooral de ILO, de Internationale Arbeids Organisatie van de VN, beschouwt de laogai, de keten van heropvoedingskampen naar Sovjetmodel, als centra voor dwangarbeid. In 1998 heeft Beijing de internationale wetgeving van de ILO inzake dwangarbeid weliswaar ondertekend maar nooit bekrachtigd. Wat vindt de familie van geruchten over aanpassing van dit strafsysteem, de laojiao? Hoe zouden ooms en tantes, vandaag bijeen voor een verjaardag, het vinden als Beijing het zou opdoeken? Een tante concludeert dat de discussie academisch is. Bovendien: niemand van haar familie komt voor heropvoeding in aanmerking, behalve misschien haar lichtelijk aangeschoten broer. Hilariteit alom. Ze laat onvermeld dat de ouderen in de familie tijdens de Culturele Revolutie (1966-1976) jarenlang hebben vastgezeten in de laogai. Hier wordt zelden of nooit over gesproken. Chinezen kijken vooruit en zien niet om. Wat geweest is, is geweest. Het zijn andere tijden nu. Een ander oppert dat hooguit de taak van de centra mogelijk wordt omgebogen, bijvoorbeeld ter correctie van jeugdige onverlaten. Daartoe zijn de eerste stappen al gezet, weet hij. Van strafkamp tot trainingscentrum voor jongeren die niet willen deugen, het lijkt hem een erg lange weg. Dan geeft iemand het gesprek een andere draai. Ze heeft in de krant gelezen dat de verwanten van twee criminele broers, van wie een ter dood is veroordeeld, een bizar verzoek hebben ingediend bij de rechter. Of hij alsjeblieft de jongere broer wil laten executeren in plaats van de oudste van de twee. Dat zou de familie veel beter uitkomen. De oudste is namelijk kostwinner.
woensdag 21 februari Met het lentefeest, bedoeld om het Nieuwe Jaar van het Varken in te luiden, gaat heel het land op slot. Wekenlang. Net als tijdens de bouwvakvakantie bij ons. Wij trekken massaal naar Frankrijk, hier verplaatst een mensenmassa van 350 miljoen, in meerderheid arbeidsmigranten, zich van de ontwikkelde kuststreken landinwaarts. Voor familiebezoek. Eens per jaar. Zo-ook de familie waar ik verblijf. Over politiek wordt tijdens de reünie zelden gesproken, het gesprek gaat vooral over geld. Sinds Mao’s opvolger Deng Xiaoping rijkdom voor het eerst omschreef als ‘glorieus’ mag dat.
Politiek is iets voor wereldvreemde intellectuelen. Alleen zij nemen de tijd om de geringe overheidsaandacht voor de herdenking van Dengs dood, tien jaar geleden, uitvoerig te analyseren. Voor- en tegenstanders van politieke hervormingen interpreteren Dengs plaats in de geschiedenis op geheel eigen wijze. De eerste groep verwijst naar wat Deng zei in 1986: hervorming omvat ook politieke verandering. Opponenten halen juist zijn vier basisbeginselen aan, uit 1979, waarin Deng het belang van de dictatuur van de Communistische Partij onderstreept. Beide stromingen laten zijn rol tijdens de anti-rechtse campagne van vijftig jaar terug angstvallig onbesproken, net als Dengs instemming met het besluit de linkse studentenopstand van juni 1989 met geweld te beëindigen. Hoe dan ook, Shenzhen herdenkt de overleden leider wel massaal. Want hij was het die in 1979 het startsein gaf voor ‘glorieuze rijkdom’ door de stad als eerste speciale economische zone aan te merken. Zijn standbeeld in het Lianhua stadspark, hier tegenover, wordt druk bezocht.
dinsdag 20 februari Mijn gastheer besluit op Nieuwjaarsdag, de eerste dag van het Jaar van het Varken, naar Hainan te vliegen, een eiland zo groot als de Benelux. Reden: In zijn woonplaats Shenzhen is een vuurwerk-verbod afgekondigd. Op Hainan heeft hij een villa aan zee en kan hij ongestraft voor 200 euro afknallen (twee modale maandsalarissen). Nieuwe rijken kijken niet op een grijpstuiver meer of minder. Aan het ontbijt gaat het over stinkend rijke zakenlui als markante mensensoort. Er zijn nog acht smaken.
Zo staan zichzelf verrijkende artsen bekend als wolven in witte jassen; leraren die leerlingen geld uit de zak kloppen worden in de volksmond brilslangen genoemd, en de corrupte politieman heet hier een zwarte wolf. Het slangenhoofd, ofwel de mensensmokkelaar, kenden we al sinds de ‘Dover-affaire’. Vraag een Chinees of ie maalt om mensenrechten en hij/zij zal antwoorden het veel te druk te hebben met overleven. En overleven betekent deze negen mensentypes zoveel mogelijk uit de weg gaan. Kennissen die langskomen met nieuwjaarswensen geven voorbeelden. Omdat op straat fietsen gevaarlijk is, teveel verkeersmaniakken, besloot een van hen voortaan de bus te nemen van werk naar huis. Halverwege moest ze overstappen op de bakfiets: particulier initiatief, veelgebruikt want spotgoedkoop. Toen de vijfde passagier net aan boord was geklommen werd het gezelschap door een verkeersagent tot stoppen gemaand. Hij wilde de bakfiets in beslag nemen. Dokken dus. Bij dit verhaal knikt iedereen enthousiast mee als blijk van herkenning en komen de tongen los. Vooral over ambtenaren en doktoren gaat ’t. Een zoon van 21 had bij het basketballen zijn achillespees gescheurd. In het ziekenhuis moest 7000 yuan (ongeveer 700 euro) vooruit betaald worden. Anders geen behandeling. Een ander moest een nog veel hoger voorschot betalen om zijn hoogbejaarde moeder opgenomen te krijgen. En dan de belastingen! Je draagt tegenwoordig een kwart van je salaris af. Per 1 januari zijn belastingen weliswaar geschrapt voor arme boeren, pakweg de helft van de bevolking, maar voor de stedeling wordt het leven alsmaar duurder. Nee, dan vroeger. Toen was onderwijs en gezondheidszorg gratis. Wie zei ook weer dat alleen Nederlanders klagen?
maandag 19 februari Op de laatste dag van het Chinese Jaar van de Hond raak ik verzeild in een rare discussie. Op het menu staat schapenvlees. Het restaurant waar we eten wordt gerund door moslims. Leden van een etnische minderheid, de Hui. Mijn disgenoten, allen noordelijke Han-Chinezen, vragen zich af of moslims net als zij het varken zien als symbool voor welzijn en welvaart. Heel China staat in het teken van het nieuwe jaar, het Jaar van het Varken. Shenzhen hangt vol met knalrode varkenskoppen, maar in dit eethuisje ontbreekt elke verwijzing. Voor moslims is het een onzuiver dier. Bij de ingang hangt alleen een ingelijste spreuk die in sierlijk Arabisch schrift Allah aanroept als de Allergrootste. Op mijn suggestie om het gewoon te vragen aan de bediening, onmiskenbaar van Hui-komaf, reageert men beschroomd. Dat doe je toch niet. Stel je voor dat ze zich beledigd zullen voelen. Iemand vertelt dat jaren geleden een Chinese drukker per abuis een varkenskop liet afbeelden op een kalender voor een islamitisch bedrijf. Dat leidde tot heftige beroering onder de Hui. Na de Oeigoeren vormen ze de grootste moslimminderheid in China.
Minderheden worden dezer dagen vertroeteld in China. Op tv, tijdens de Nieuwjaarsshow, paraderen ze veelkleurig over het scherm. In glitterjurken gestoken zangeressen zingen populaire deuntjes van vroeger uit alle windstreken, toonbeeld van een ‘harmonieuze samenleving’ zoals de partijleiding het graag ziet. De kitscherige minderhedenshow wordt plots afgewisseld met vocalisten uit de drie onderdelen van de strijdmacht. Het contrast valt de eters in het restaurant niet op. Ze hebben het te druk met het lezen van sms-berichten. Het is tegenwoordig gewoonte om de nieuwjaarswensen per mobieltje te verzenden. Een van mijn gastheren heeft er al 67 ontvangen, vooral van zakencontacten die hij eerder vandaag een knalrode envelop met inhoud heeft overhandigd. Guanxi, relaties gaan boven alles. Shenzhen overtreft Fritz Langs filmklassieker Metropolis als toekomstbeeld. Buiten klinkt een eenzame knal tussen de hoogbouw van deze futuristische stad met zijn acht miljoen inwoners. Het geluid weerkaatst tegen de glazen puien. Men kijkt ervan op. Vuurwerk is voor het eerst verboden hier. Te gevaarlijk. Jaarlijks vallen tientallen doden door ondeugdelijke duizendklappers. Maar China zou China niet zijn als dit verbod ook zou worden nageleefd. Even verderop, op een kruispunt, branden nabestaanden vuurtjes van namaakgeld. Om ook de overledenen een welvarend Jaar van het Varken te wensen. |
|||||||||||||





